Citaat | Rechtbank Overijssel 31 januari 2018
Onder 5.43 Rechtbank Overijssel 31 januari 2018
Een alinea uit Rechtbank Overijssel 31 januari 2018, ECLI:NL:RBOVE:2018:456.
De rechtbank overweegt dat voor het door [A] gevraagde geen grondslag is. Zou [A] uit hoofde van een eindvonnis in deze zaak een vordering op de Bank hebben, dan is sprake van een vordering tot betaling van een geldsom, zoals ook de vordering van de Bank uit hoofde van de kredietverlening een vordering tot betaling van een geldsom is. Daarmee is voldaan aan de vereisten van artikel 6:127, lid 1 BW. Om die redenen zal de rechtbank aan hetgeen [A] vraagt geen gevolg geven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e28bd24151a9852f6653985dd8fed61dc46c243c8a8104aac9db3034530da590. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e28bd24151a9852f6653985dd8fed61dc46c243c8a8104aac9db3034530da590, en de alinea staat in dat document op bytes 45140 tot 45628.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e28bd24151a9852f6653985dd8fed61dc46c243c8a8104aac9db3034530da590 | shasum -a 256