Citaat | Rechtbank Rotterdam 7 juni 2012

Alinea 28 Rechtbank Rotterdam 7 juni 2012

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 7 juni 2012, ECLI:NL:RBROT:2012:BW8335.

5. Verweerder is van mening dat er geen grond is voor de toekenning van de gestelde materiële schade, nu deze schade dient geacht vergoed te zijn met de rentevergoeding in verband met de te laat betaalde bijstandsuitkering. Verweerder stelt zich verder op het standpunt dat artikel 6 van het EVRM niet is geschonden, omdat de maximale termijn van vier jaar die in dit geval geldt, niet is overschreden. Ten aanzien van de gestelde schending van artikel 8 van het EVRM stelt verweerder zich op het standpunt dat de onderhavige situatie niet vergelijkbaar is met de situatie als beschreven in de door eiser aangehaalde uitspraak van de rechtbank Haarlem, nu het in die zaak ging om een persoon met psychiatrische problemen en verslavingsproblematiek. Volgens verweerder is in de onderhavige situatie geen sprake geweest van een ernstige inbreuk op eisers privéleven als bedoeld in artikel 8 van het EVRM, zodat er geen aanleiding bestaat voor het toekennen van een vergoeding wegens immateriële schade op deze grond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef0cff21718f1f54527a7c42bae7d1811197dfa0a0863ec24fc60e2725dfddb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef0cff21718f1f54527a7c42bae7d1811197dfa0a0863ec24fc60e2725dfddb3, en de alinea staat in dat document op bytes 9014 tot 10044.