Citaat | Rechtbank Rotterdam 24 april 2013
Alinea 89 Rechtbank Rotterdam 24 april 2013
Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 24 april 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:BZ9514.
De vorm van een dergelijke verwijzing hangt samen met beslissingen van de zittingsrechter op verzoeken op grond van de regeling(en) in de artikelen 263 en 264 jo. 287 en 288 en 315 jo. 328 Sv. De zittingsrechter zal zoveel als mogelijk op dergelijke verzoeken moeten beslissen om de voortgang in het onderzoek te dienen en de verwijzingsopdracht aan de rechter-commissaris zo concreet mogelijk te maken. Er kunnen zich echter omstandigheden voordoen, zoals het nog niet voorhanden zijn van een eind proces-verbaal of de omstandigheid dat in samenhangende zaken slechts één of enkele van de verdachten onderzoekswensen hebben ingediend, die de zittingsrechter kunnen doen besluiten uit proceseconomische overwegingen de rechter-commissaris meer beslissingsruimte te geven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a98f671a3b37861831aa6435515ad3c9558d4a092790f770b1e9d6e2c93c0d2f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a98f671a3b37861831aa6435515ad3c9558d4a092790f770b1e9d6e2c93c0d2f, en de alinea staat in dat document op bytes 26286 tot 27073.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a98f671a3b37861831aa6435515ad3c9558d4a092790f770b1e9d6e2c93c0d2f | shasum -a 256