Citaat | Rechtbank Rotterdam 7 april 2016
Onder 14.2. Rechtbank Rotterdam 7 april 2016
Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 7 april 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:2185.
15. De rechtbank is van oordeel dat, in het onderhavige geval, het feit dat eiser privé dan wel zakelijk behoorlijk financiële gevolgen heeft ondervonden van het tegen hem genomen besluit, vooral door (de aankondiging van) het beëindigen van de bancaire relaties door de bank, wel een omstandigheid is waarmee naar het oordeel van de rechtbank rekening dient te worden gehouden bij het vaststellen van de hoogte van de boete in die zin dat daarvan een matigende werking uitgaat. De rechtbank ziet dan ook aanleiding hiermee rekening te houden als boeteverlagende omstandigheid en acht een verlaging van de opgelegde boete met 10% passend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee15bbbc13d881c6e46ab0e124baf1461bbec38ff0d41b8c6e4f1fd066f4fe08. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee15bbbc13d881c6e46ab0e124baf1461bbec38ff0d41b8c6e4f1fd066f4fe08, en de alinea staat in dat document op bytes 64456 tot 65112.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee15bbbc13d881c6e46ab0e124baf1461bbec38ff0d41b8c6e4f1fd066f4fe08 | shasum -a 256