Citaat | Rechtbank Rotterdam 7 april 2016

Onder 21.3. Rechtbank Rotterdam 7 april 2016

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 7 april 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:2189.

Zoals het CBb in eerdere uitspraken waarin overschrijding van de redelijke termijn aan de orde was, heeft overwogen (zie bijvoorbeeld de uitspraken van 3 juli 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BD6629, 7 juli 2010 ECLI:NL:CBB:2010:BN0540, 1 december 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BU9151 en 13 december 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BZ2037) kan de redelijkheid van deze termijn niet in abstracto worden bepaald maar moet deze in iedere zaak worden beoordeeld in het licht van de omstandigheden van dat specifieke geval. Hierbij moeten in aanmerking worden genomen de ingewikkeldheid, zowel feitelijk als juridisch, van de zaak en het gedrag van zowel de betrokken onderneming als van het bestuursorgaan waarbij mede van belang is hetgeen voor de betrokken onderneming op het spel staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/370ea2d78cb3dfd23bc1c2765db805fe5a1704d2be82ea97e0ed11209c9a12d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 370ea2d78cb3dfd23bc1c2765db805fe5a1704d2be82ea97e0ed11209c9a12d5, en de alinea staat in dat document op bytes 119544 tot 120317.