Citaat | Rechtbank Rotterdam 7 april 2016

Onder 8.2. Rechtbank Rotterdam 7 april 2016

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 7 april 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:2196.

De rechtbank stelt voorop dat ACM nauwkeurige en onderling overeenstemmende bewijzen dient aan te dragen die de vaste overtuiging kunnen dragen dat de inbreuk is gepleegd. Dit houdt onder meer in dat iedere twijfel ten aanzien van het bestaan van een gestelde overtreding en de betrokkenheid van een onderneming daarbij dient te worden uitgelegd in het voordeel van de betreffende onderneming. Niet elk van de door ACM aangevoerde bewijzen hoeft echter noodzakelijkerwijs voor elk onderdeel van de inbreuk aan deze criteria te voldoen. Het is voldoende dat de door ACM aangevoerde verzameling aanwijzingen, in haar geheel beschouwd, aan dit vereiste voldoet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d877da02e2c1d69448dc8d9f37b395ed5ebc1c08e0874455a3e1efa23b32b5b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d877da02e2c1d69448dc8d9f37b395ed5ebc1c08e0874455a3e1efa23b32b5b, en de alinea staat in dat document op bytes 30105 tot 30777.