Citaat | Rechtbank Rotterdam 18 juli 2016
Onder 6.3. Rechtbank Rotterdam 18 juli 2016
Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 18 juli 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:5439.
Gelet op het voorgaande doen de arresten Arcor en Byankov naar het oordeel van de rechtbank dan ook niet af aan het heersende uitgangspunt in de jurisprudentie dat aan het rechtszekerheidsbeginsel zwaarwegende betekenis toekomt. In dat verband wijst de rechtbank ook op het arrest van het Hof van 14 september 1999, Assi Döman Kraft Products AB e.a./Commissie, zaaknummer C-310/97 P (ECLI:EU:C:1999:407), waarin het Hof de afwijzing van een verzoek om de wettigheid van een boetebeschikking van 19 december 1984 opnieuw te onderzoeken in het licht van het arrest van het Hof van 31 maart 1993, Ahlström Osakeyhtiö en anderen tegen Commissie, zaaknummer C-89/85 e.a. (ECLI:EU:C:1993:120), in stand heeft gelaten omdat de tot de verzoekers gerichte boetebeschikkingen als gevolg van het niet instellen van beroep, definitief waren geworden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b88690da69f75c0a0592ac8f10f400993728a82e0d385bc2933e7ef34b954e7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b88690da69f75c0a0592ac8f10f400993728a82e0d385bc2933e7ef34b954e7a, en de alinea staat in dat document op bytes 23031 tot 23885.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b88690da69f75c0a0592ac8f10f400993728a82e0d385bc2933e7ef34b954e7a | shasum -a 256