Citaat | Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016

Onder 5.2. Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:7663.

Uit het arrest van de Hoge Raad van 10 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:874, volgt dat ACM op grond van artikel 8:42, eerste lid, van de Awb in beginsel alle stukken die haar ter beschikking staan en die een rol hebben gespeeld bij haar besluitvorming aan eiseressen en aan de rechter dient te overleggen. Behoudens gevallen van gerechtvaardigde weigering, bijvoorbeeld op grond van artikel 8:29 Awb en uitzonderingsgevallen als misbruik van procesrecht, dient te worden tegemoetgekomen aan een verzoek van de belanghebbende tot overlegging van een bepaald stuk indien deze voldoende gemotiveerd heeft gesteld dat het stuk van enig belang kan zijn (geweest) voor de besluitvorming in zijn zaak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec10fcdb01210c79c2dd7f374503eebf96da02c0a725a6e62aa0347e082bcd07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec10fcdb01210c79c2dd7f374503eebf96da02c0a725a6e62aa0347e082bcd07, en de alinea staat in dat document op bytes 25704 tot 26407.