Citaat | Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016

Onder 7.4. Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 13 oktober 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:7663.

De rechtbank verwerpt dit verweer. Niet betwist is dat [onderneming 1] als beheermaatschappij, tezamen met [onderneming 2] , [onderneming 3] , en [onderneming 6] , één onderneming in de zin van het mededingingsrecht vormen. [onderneming 2] , [onderneming 3] , en [onderneming 6] zijn, zo is al aangegeven, 100% dochters van [onderneming 1] . Bepalend voor de vraag of deze ene onderneming, de [eiseres 1] -groep, gebonden is aan de overeenkomst, is niet of bij het aangaan van deze overeenkomst de ondertekenaar, in dit geval een directeur van de beheermaatschappij, in civielrechtelijke zin een dochtervennootschap bindt, maar of deze persoon die andere vennootschap bindt bezien vanuit het ondernemingsbegrip in het mededingingsrecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec10fcdb01210c79c2dd7f374503eebf96da02c0a725a6e62aa0347e082bcd07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec10fcdb01210c79c2dd7f374503eebf96da02c0a725a6e62aa0347e082bcd07, en de alinea staat in dat document op bytes 33722 tot 34475.