Citaat | Rechtbank Rotterdam 4 december 2019

Onder 4.19. Rechtbank Rotterdam 4 december 2019

Een alinea uit Rechtbank Rotterdam 4 december 2019, ECLI:NL:RBROT:2019:9621.

Als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij zal [naam gedaagde 1] worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Anders dan [naam gedaagde 1] heeft betoogd is, gelet op de hiervoor onder 2.5 bedoelde brief van 2 oktober 2018, van rauwelijkse dagvaarding geen sprake geweest. In die brief is weliswaar een onjuist pensioenfonds genoemd, maar naar het oordeel van de rechtbank heeft er in redelijkheid geen onduidelijkheid over kunnen bestaan dat de brief feitelijk afkomstig was van het pensioenfonds waarbij [naam bedrijf] was aangesloten. De proceskosten aan de zijde van het Pensioenfonds worden vastgesteld op:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6df6c8e5b965ba0b2f8853f856069a57066dc4630c6c6c0ee46c8daa1de4c487. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6df6c8e5b965ba0b2f8853f856069a57066dc4630c6c6c0ee46c8daa1de4c487, en de alinea staat in dat document op bytes 32687 tot 33323.