Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 24 juli 2001
Alinea 63 Rechtbank 's-Gravenhage 24 juli 2001
Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 24 juli 2001, ECLI:NL:RBSGR:2001:AD6704.
7. Voorts is de president met verweerder van oordeel dat verzoekers relaas met betrekking tot de poging tot illegale handel niet aannemelijk is. De president acht met name niet aannemelijk het door verzoeker gestelde dat de neef van verzoeker in gezelschap van de politie naar diens huis zou zijn gekomen en dat de neef verzoeker zou hebben gewaarschuwd voor de aanwezigheid van de politie. Voor zover al geloof zou moeten worden gehecht aan verzoekers relaas in deze wordt overwogen dat verzoeker slechts zou worden verdacht van een enkele poging tot het smokkelen van goederen, waaronder - voor zover verzoeker bekend - sigaretten en rijst. Dit betreft echter een commuun delict waartegen in het algemeen de bescherming van het Vluchtelingenverdrag niet kan worden ingeroepen. Verzoeker heeft verder niet gestaafd en aannemelijk gemaakt dat hem voor dit feit tien jaar gevangenisstraf opgelegd kunnen worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7ecaebf62886992d3c79f1f0a974e3cc981f026acf3f26cbbacde0bdf252749. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7ecaebf62886992d3c79f1f0a974e3cc981f026acf3f26cbbacde0bdf252749, en de alinea staat in dat document op bytes 31131 tot 32055.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7ecaebf62886992d3c79f1f0a974e3cc981f026acf3f26cbbacde0bdf252749 | shasum -a 256