Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 18 november 2002
Alinea 31 Rechtbank 's-Gravenhage 18 november 2002
Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 18 november 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AF3736.
2.9 Eiser heeft ter onderbouwing van zijn aanvraag het volgende aangevoerd. De ouders van eiser zijn in 1989 vermoord toen eiser 4 jaar was. Vervolgens is eiser opgegroeid bij zijn oma, die overleed toen eiser 10 jaar was. Na het overlijden van zijn oma is eiser door militairen naar een Moor gebracht, genaamd B. De militairen hebben eiser aan deze man verkocht. Eiser werkte als slaaf voor B, die schapen hield. Eiser werd regelmatig geslagen door B omdat deze vond dat eiser zijn werk niet goed deed. Omdat eiser het leven bij B hard en moeilijk vond gaf hij op 7 april 2001 aan dat hij weg wilde gaan. B heeft hem toen mishandeld door hem te slaan, als gevolg waarvan eiser gedurende drie dagen in een hoek van de tent is blijven liggen. Op 10 april 2001 is eiser weggelopen. Op 13 april 2001 is eiser met behulp van een marinier aan boord gegaan van een schip. Eiser is op 3 mei 2001 in Nederland aangekomen. Eiser is bang om terug te gaan naar Mauritanië. B heeft hem verteld dat hij aan de militairen zou worden uitgeleverd als hij weg zou lopen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ec85e6b222e83e014e3d0708c7b0109cad85e81d083af8d2caf4b8c74e85208. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ec85e6b222e83e014e3d0708c7b0109cad85e81d083af8d2caf4b8c74e85208, en de alinea staat in dat document op bytes 13492 tot 14559.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2ec85e6b222e83e014e3d0708c7b0109cad85e81d083af8d2caf4b8c74e85208 | shasum -a 256