Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003
Alinea 100 Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003
Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6172.
30. Zulks betekent echter naar het oordeel van de rechtbank evenwel niet, dat in het geheel geen conclusies kunnen worden verbonden aan de aanwezigheid van digoxine in het lichaam van [slachtoffer 1]. Dit medicament was immers blijkens de verklaring van de kindercardioloog L.H.P.M. F. sedert 16 juli 2001 niet meer aan [slachtoffer 1] voorgeschreven. Blijkens de verklaringen van de deskundigen prof. dr. D.R.A. Uges en dr. K.J. Lusthof moet het voorts uitgesloten worden geacht dat de na het overlijden in het lichaam van [slachtoffer 1] aangetoonde aanwezigheid van digoxine verklaard kan worden door de toediening op artsenvoorschrift van digoxine ongeveer 50 dagen daarvoor. De rechtbank volgt dan ook de conclusie van de deskundige dr. K.J. Lusthof dat de in het lichaam van [slachtoffer 1] aangetroffen digoxine na 16 juli 2001 aan haar moet zijn toegediend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cdb556897da9c259462f607f6447aeaae9c3d4910ff913b62f0643912a1351c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cdb556897da9c259462f607f6447aeaae9c3d4910ff913b62f0643912a1351c, en de alinea staat in dat document op bytes 45734 tot 46613.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2cdb556897da9c259462f607f6447aeaae9c3d4910ff913b62f0643912a1351c | shasum -a 256