Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003

Alinea 162 Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003

Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 24 maart 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6172.

62. Verder vindt het bewijs steun in de hiervoor opgenomen bewijsmiddelen in de bewezenverklaarde zaken betreffende [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2], waaruit immers naar het oordeel van de rechtbank een gang van zaken onder meer met betrekking tot het handelen van verdachte blijkt die op essentiële punten overeenkomt met die van het onderhavige feit. In dit verband wijst de rechtbank op het bij [slachtoffer 7] ten tijde van de reanimatie waargenomen heel snel blauw worden van het gezicht, het melden van een verslechtering die door anderen niet wordt waargenomen, mogelijk als opmaat voor het later door verdachte zelf veroorzaakte incident, en het niet of onvolledig schriftelijk verslag doen van verpleegkundige handelingen. Voorts signaleert de rechtbank als overeenkomsten met eerdergenoemde zaken dat het ook in deze zaak een kind met chronische aandoeningen betrof, het gegeven dat verdachte de verpleegkundige was die belast was met de zorg voor [slachtoffer 7] en de omstandigheid dat ten tijde van het zich manifesteren van het incident alleen verdachte aanwezig was op de kamer van de patiënt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cdb556897da9c259462f607f6447aeaae9c3d4910ff913b62f0643912a1351c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cdb556897da9c259462f607f6447aeaae9c3d4910ff913b62f0643912a1351c, en de alinea staat in dat document op bytes 74487 tot 75612.