Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2003

Alinea 40 Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2003

Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AI1407.

4.10 Verweerders conclusie dat er ernstige redenen zijn om te veronderstellen dat eiser zich schuldig heeft gemaakt aan handelingen als bedoeld in artikel 1 (F), aanhef en onder a en c van het Verdrag is in beroep overigens niet langer betwist, zodat hiervan dient te worden uitgegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c729e855757ccce0d7e6694b23ed4f9fec02100ecc43a43e6ddd5c6a0a3379a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c729e855757ccce0d7e6694b23ed4f9fec02100ecc43a43e6ddd5c6a0a3379a2, en de alinea staat in dat document op bytes 22957 tot 23255.