Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 31 maart 2004

Alinea 52 Rechtbank 's-Gravenhage 31 maart 2004

Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 31 maart 2004, ECLI:NL:RBSGR:2004:AO6670.

De verdediging heeft subsidiair onder aanvoering van dezelfde gronden een beroep gedaan op uitsluiting van het bewijs dat is vergaard met de inzet van bovengenoemde bijzondere opsporingsbevoegdheden. Het bewijsmateriaal, daaronder ook begrepen het met behulp van het technisch hulpmiddel op 1 april 2003 afgeluisterde gesprek, tot afluisteren waarvan uitsluitend kon worden overgegaan als gevolg van de onrechtmatige informatie-inwinning, zou moeten worden beschouwd als het resultaat van ongeoorloofde methoden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd2e2ea207250d5be5f597d29613d5176d6c66cfc2da431086779bfa568a4aa7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd2e2ea207250d5be5f597d29613d5176d6c66cfc2da431086779bfa568a4aa7, en de alinea staat in dat document op bytes 21397 tot 21922.