Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2007
Alinea 116 Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2007
Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 11 juli 2007, ECLI:NL:RBSGR:2007:BA9364.
De rechtbank is van oordeel dat, voorzover de contractuele bepaling van artikel 5.4. aldus moet worden uitgelegd dat daarin ook eisen worden gesteld aan een door de Gemeente vast te stellen bestemmingsplan, de bezwaren van Etam afstuiten of de formele rechtskracht van het bestemmingsplan Oosterheem 2000. Gesteld noch gebleken is dat Etam gebruik heeft gemaakt van de haar in dit kader ten dienste staande rechtsmiddelen. De burgerlijke rechter moet er dan ook vanuit gaan dat het bestemmingsplan zowel wat betreft zijn wijze van totstandkoming als wat betreft zijn inhoud in overeenstemming is met de wettelijke voorschriften en met algemene rechtsbeginselen. Dit betekent dat Etam - nog afgezien van de vraag of aan de zuidoostzijde daadwerkelijk sprake zal zijn van onaanvaardbare geluidsoverlast - zich niet alsnog in de onderhavige procedure kan beroepen op eventuele gebreken van voornoemd bestemmingsplan. In zoverre is de Gemeente dan ook niet jegens haar tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de overeenkomst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd4db784484c8e76c523411d11eccc8319e23bf9d2e50feb1fd0010a4eeae716. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd4db784484c8e76c523411d11eccc8319e23bf9d2e50feb1fd0010a4eeae716, en de alinea staat in dat document op bytes 31075 tot 32128.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd4db784484c8e76c523411d11eccc8319e23bf9d2e50feb1fd0010a4eeae716 | shasum -a 256