Citaat | Rechtbank 's-Gravenhage 13 december 2011
Alinea 121 Rechtbank 's-Gravenhage 13 december 2011
Een alinea uit Rechtbank 's-Gravenhage 13 december 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BV1982.
4.7. Tussen partijen staat vast dat [G B.V.], [H B.V.] en eiseres in het jaar 1997 een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting vormden. De rechtbank acht, voor zover eiseres dit betwist, gelet op hetgeen verweerder heeft gesteld, aannemelijk dat ook [I B.V.] in het jaar 1997 tot de fiscale eenheid behoorde. Gelet op het regime van de fiscale eenheid en doel en strekking van artikel 20a van de Wet, dienen voor de toepassing van artikel 20a, vierde lid, van de Wet, de werkzaamheden van de met eiseres gevoegde dochtermaatschappijen te worden toegerekend aan eiseres. Het standpunt van eiseres dat met betrekking tot het jaar 1997 slechts de werkzaamheden van eiseres in aanmerking dienen te worden genomen berust op een onjuiste rechtsopvatting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea5c4ecbf4467b367345e4da4bffd2f3bf5cc09f61cdaa751629169f7ead76a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea5c4ecbf4467b367345e4da4bffd2f3bf5cc09f61cdaa751629169f7ead76a3, en de alinea staat in dat document op bytes 34080 tot 34848.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea5c4ecbf4467b367345e4da4bffd2f3bf5cc09f61cdaa751629169f7ead76a3 | shasum -a 256