Citaat | Rechtbank 's-Hertogenbosch 5 april 2001

Alinea 40 Rechtbank 's-Hertogenbosch 5 april 2001

Een alinea uit Rechtbank 's-Hertogenbosch 5 april 2001, ECLI:NL:RBSHE:2001:AB2394.

4.2. Het voorgaande leidt er evenwel niet toe dat eiser niet in zijn vordering ontvangen kan worden. Enkele dagen na de behandeling van dit kort geding - doch vóór de datum van de uitspraak - heeft de rechtbank de zaak verwezen naar de president. De verwijzing van de zaak heeft plaatsgevonden in de stand waarin zij zich op dat moment bevond, zodat strikt genomen na deze verwijzing een nieuwe behandeling in kort geding zou moeten plaatsvinden. Nu echter reeds op 28 maart 2001 een behandeling in kort geding heeft plaatsgevonden, tijdens welke zitting de zaak uitvoerig is besproken, zal eiser toch in zijn vordering ontvangen worden, aangezien geen der partijen geacht wordt hierdoor in de processuele belangen te zijn geschaad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/304f668d2e56ce9c4cd6dde7bbfe8636afde368d894f59b636777a091b362d5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 304f668d2e56ce9c4cd6dde7bbfe8636afde368d894f59b636777a091b362d5a, en de alinea staat in dat document op bytes 12970 tot 13718.