Citaat | Rechtbank Utrecht 28 januari 2004
Alinea 84 Rechtbank Utrecht 28 januari 2004
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 28 januari 2004, ECLI:NL:RBUTR:2004:AO2910.
In de eerste plaats is er volgens Dexia geen sprake van aflevering. Hierbij stelt zij dat de term aflevering in artikel 7a:1576 lid 1 BW moet worden begrepen overeenkomstig arti-kel 7:9 lid 2 en lid 3 BW, zodat daarmee wordt bedoeld bezitsverschaffing dan wel, in het geval van een eigendomsvoorbehoud, machtsverschaffing. Zij geeft aan dat [eiser] niet in het bezit is gesteld van de effecten daar de eigendom van de effecten in de overeenkomst wordt voorbehouden. Daarnaast stelt zij dat de effecten evenmin in de macht van [eiser] zijn gesteld nu hij, voordat de leasesom volledig door hem is voldaan, de effecten niet kan vervreemden of bezwaren en evenmin enig ander recht met betrekking tot de effecten kan uitoefenen. Dexia stelt dat [eiser] bij het sluiten van de overeenkomst slechts een zuiver voorwaardelijk recht op het eigendom van de effecten heeft verkregen zonder het voor koop op afbetaling kenmerkende gebruiksrecht voorafgaand aan de volledige betaling van de koopprijs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87, en de alinea staat in dat document op bytes 15946 tot 16948.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87 | shasum -a 256