Citaat | Rechtbank Utrecht 28 januari 2004
Alinea 98 Rechtbank Utrecht 28 januari 2004
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 28 januari 2004, ECLI:NL:RBUTR:2004:AO2910.
Nu de rechtbank op grond van het vorenstaande van oordeel is dat de overeenkomst als een huurkoopovereenkomst is aan te merken in de zin van artikel 7a:1576h BW, betreft het in casu een zaak die op grond van artikel 93 onder c. Rv door de kantonrechter dient te worden behandeld en beslist. De zaak zal dan ook op de voet van artikel 71 lid 2 Rv ter verdere behandeling en beslissing worden verwezen naar de sector kanton van deze rechtbank, waar alsdan eerst zal dienen te worden bezien of er op grond van artikel 132 lid 2 Rv gelegenheid zal worden geboden tot het nemen van re- en dupliek zoals ter comparitie door partijen is verzocht. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat in het ver-volg van de procedure partijen niet vertegenwoordigd door een procureur, maar in per-soon of bij gemachtigde kunnen verschijnen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87, en de alinea staat in dat document op bytes 26631 tot 27462.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a4db83311da1a989981c9539ec66d128288dcc335a8fcf0021235879188a2f87 | shasum -a 256