Citaat | Rechtbank Utrecht 25 januari 2006

Alinea 91 Rechtbank Utrecht 25 januari 2006

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 25 januari 2006, ECLI:NL:RBUTR:2006:AV0662.

4.1 Kern van het onderhavige geschil is of [B], gegeven zijn belangen in Bovast, [De N] rechtsgeldig heeft vertegenwoordigd bij het aangaan van de overeenkomst van geldlening en het vestigen van de beide onder 2.11 weergegeven pandrechten. De curator heeft zich op het standpunt gesteld dat aangezien [B] ook optrad voor Bovast, er sprake was van tegenstrijdig belang in de zin van artikel 2:256 van het Burgerlijk Wetboek terwijl ook op grond van de destijds geldende statuten van [De N] hij slechts bevoegd zou zijn de vennootschap te vertegenwoordigen indien de vergadering van aandeelhouders hem daartoe had aangewezen, hetgeen niet is gebeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cdca8f5a9dbcd565c979c9223ecad3970f8bbfae7bc84650b38431b92a4b6c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cdca8f5a9dbcd565c979c9223ecad3970f8bbfae7bc84650b38431b92a4b6c1, en de alinea staat in dat document op bytes 17783 tot 18446.