Citaat | Rechtbank Utrecht 26 juli 2006

Alinea 36 Rechtbank Utrecht 26 juli 2006

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 26 juli 2006, ECLI:NL:RBUTR:2006:AY5201.

2.8. Vervolgens heeft Groet gesteld dat de rechtbank zich onbevoegd moet verklaren op grond van artikel 1052 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De rechtbank passeert dit betoog. De curator heeft de onderhavige vordering ingesteld op grond van een zelfstandige, slechts de curator toekomende bevoegdheid. De curator treedt op dit punt derhalve niet in de rechten en verplichtingen van de gefailleerde uit de overeenkomst. De curator is daarom niet gebonden aan de in die overeenkomst opgenomen arbitrageclausule.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a4e02bd879756cc9c0fd469575c697c1de833f16dd84ef9ecebc9b581c6d8af. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a4e02bd879756cc9c0fd469575c697c1de833f16dd84ef9ecebc9b581c6d8af, en de alinea staat in dat document op bytes 10773 tot 11305.