Citaat | Rechtbank Utrecht 3 mei 2007
Alinea 62 Rechtbank Utrecht 3 mei 2007
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 3 mei 2007, ECLI:NL:RBUTR:2007:BA4351.
De kantonrechter is voorshands van oordeel dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat de door [eiser] verrichte werkzaamheden (ten tijde van de leer-arbeidsovereenkomst) geheel, dan wel gedeeltelijk als productief voor de werkgever dienen te worden aanmerkt. Gelet op de uitdrukkelijke betwisting door Polynorm had het op de weg van [eiser] gelegen om zijn stelling, dat de door hem verrichte werkzaamheden (in ieder geval gedeeltelijk) waren aan te merken als productieve arbeid, met feiten en omstandigheden te onderbouwen. Dit heeft [eiser] nagelaten. Desgevraagd heeft [eiser] geen voorbeelden kunnen noemen van door hem vervaardigde producten, dan wel door hem verrichte werkzaamheden, welke als productief voor Polynorm moeten worden aangemerkt. [eiser] heeft enkel gesteld dat hij wel eens bakjes heeft gemaakt om oordopjes in te doen – welke bakjes bij de machines werden geplaatst – doch deze stelling is onvoldoende om aan te nemen dat de door hem verrichte werkzaamheden (in ieder geval gedeeltelijk) productief waren. Derhalve is niet aannemelijk geworden dat de werkzaamheden die [eiser] tijdens zijn opleiding heeft verricht, kunnen worden aangemerkt als op het bedrijfsdoel van Polynorm gerichte productieve arbeid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42bcea899b6b42e9a27b9059caa1f6ee41e46d7b3e58ad4fd3a882ff585275bf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42bcea899b6b42e9a27b9059caa1f6ee41e46d7b3e58ad4fd3a882ff585275bf, en de alinea staat in dat document op bytes 14161 tot 15409.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/42bcea899b6b42e9a27b9059caa1f6ee41e46d7b3e58ad4fd3a882ff585275bf | shasum -a 256