Citaat | Rechtbank Utrecht 6 juni 2007

Alinea 405 Rechtbank Utrecht 6 juni 2007

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 6 juni 2007, ECLI:NL:RBUTR:2007:BA6445.

5.26. Uit de tekst van de Algemene Voorwaarden kan evenmin worden afgeleid dat de deelnemer aan het KoersPlan een premie diende te betalen voor een van het KoersPlan deel uitmakende overlijdensrisicoverzekering en dat Spaarbeleg deze premie mocht inhouden op de door de deelnemer te betalen inleg. Onder artikel 1 sub b van deze Algemene Voorwaarden staat weliswaar dat uit de overeenkomst voor Spaarbeleg (mede) de verplichting bestaat om in geval van overlijden van de verzekerde vóór een in de polis bepaalde datum te haren laste één of meer uitkeringen te doen, maar de term “polis” wordt nergens in de voorwaarden gedefinieerd, terwijl niet gesteld of gebleken is dat in 1989 door Spaarbeleg een polis is verstrekt. De premiebetalingsverplichting kan evenmin worden afgeleid uit de zinsnede in dit artikel “op grond van de gelijktijdig afgesloten verzekering (de verzekering)”, nu de daarin gebruikte term “verzekering” niet nader is gedefinieerd, terwijl “verzekerde” is gedefinieerd als “de persoon op wiens leven de Spaarbelegovereenkomst is gesloten”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b40684930bf3be9c144108586e504f3f4f70ffabe81146013bd53e584431f40c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b40684930bf3be9c144108586e504f3f4f70ffabe81146013bd53e584431f40c, en de alinea staat in dat document op bytes 81729 tot 82827.