Citaat | Rechtbank Utrecht 20 juni 2007

Alinea 162 Rechtbank Utrecht 20 juni 2007

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 20 juni 2007, ECLI:NL:RBUTR:2007:BA8672.

Al deze omstandigheden en de hoogte van het loon, de leeftijd en het arbeidsverleden van [eiser], in aanmerking nemende, is de rechtbank van oordeel dat de opzegging zonder daarbij aan [eiser] enige vergoeding toe te kennen, kennelijk onredelijk. Daarbij speelt vooral een rol dat de arbeidsverhouding niet slechts is verstoord door een gebrek van het vertrouwen van U4A, maar ook door een geschil over de rechtsgevolgen van de overeenkomst van 13 januari 2005 waarbij Foundation een onjuist standpunt heeft ingenomen en [eiser] (derhalve ten onrechte) verweet dat hij zich niet hield aan de gemaakte afspraak die volgens Foundation tot zijn ontslagname had moeten leiden. De rechtbank acht om die reden Foundation gehouden om aan [eiser] een vergoeding te betalen van EUR 27.000,00.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c1fea3cca9cdc4e2fe4e141cd353bdde59f04a0fb309101af41bed0a381ec239. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c1fea3cca9cdc4e2fe4e141cd353bdde59f04a0fb309101af41bed0a381ec239, en de alinea staat in dat document op bytes 43989 tot 44789.