Citaat | Rechtbank Utrecht 12 september 2007

Alinea 110 Rechtbank Utrecht 12 september 2007

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 12 september 2007, ECLI:NL:RBUTR:2007:BB3747.

4.9. De rechtbank is evenwel van oordeel dat de dwaling, voor zover daarvan al sprake is geweest bij het sluiten van de overeenkomst, voor rekening van [gedaagde partij] dient te blijven en niet kan leiden tot vernietigbaarheid van de overeenkomst. De rechtbank overweegt daartoe in de eerste plaats dat een persoon die overweegt een overeenkomst aan te gaan tegenover de wederpartij gehouden is om, binnen redelijke grenzen, maatregelen te nemen teneinde te voorkomen dat hij onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken met die overeenkomst instemt. Dit brengt mee dat degene die overweegt een overeenkomst tot effectenlease aan te gaan, gehouden is om vooraf van de inhoud van die overeenkomst kennis te nemen en om zichzelf redelijke inspanningen te getroosten teneinde de betekenis van het in de overeenkomst bepaalde, met inbegrip van daartoe eventueel behorende voorwaarden, te doorgronden en de voor hem uit de overeenkomst volgende verplichtingen en risico's te begrijpen. Deze verplichting strekt zich mede uit tot andere informatie die betrekking heeft op de overeenkomst, zoals bijvoorbeeld de brochure. Uit deze verplichting volgt dat van degene die overweegt een overeenkomst tot effectenlease aan te gaan, mag worden verwacht dat hij deze zorgvuldig leest alvorens ermee in te stemmen en zich naar vermogen inspant om de reikwijdte van zijn daaruit volgende verplichtingen en risico's te begrijpen. Weliswaar mag hij hierbij uitgaan van de juistheid van door of namens de wederpartij gedane mededelingen, maar hij dient deze – steeds in aanmerking genomen zijn eigen opleiding, kennis en relevante ervaring – wel naar hun aard te verstaan en voorts in samenhang met de inhoud van de overeenkomst en eventuele schriftelijke toelichtingen daarbij te beschouwen, zodat hij aanprijzingen of loftuitingen door de wederpartij, in het bijzonder in algemene bewoordingen, met prudentie dient te beschouwen en niet aan op zichzelf staande mededelingen de betekenis van een juiste en volledige voorstelling van zaken mag toekennen. Als een persoon nalaat zich op de hier bedoelde wijze te informeren en vervolgens onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken een overeenkomst aangaat, komt die onjuiste voorstelling voor zijn eigen rekening, in welk geval zij krachtens artikel 6:228, tweede lid, Burgerlijk Wetboek niet tot vernietiging van de overeenkomst wegens dwaling kan leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ffc2cf67ec361cbc86d69bc8df0cc5f30184c49225db5b08b4d0490a7ae9909. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ffc2cf67ec361cbc86d69bc8df0cc5f30184c49225db5b08b4d0490a7ae9909, en de alinea staat in dat document op bytes 24789 tot 27213.