Citaat | Rechtbank Utrecht 6 februari 2008

Alinea 103 Rechtbank Utrecht 6 februari 2008

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 6 februari 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BC7002.

4.26. Daar stelt [gedaagde] tegenover dat [B] ten tijde van de betreffende verbeteringen in de woning woonde en dat deze gezien het verwaarloosde onderhoud noodzakelijk waren ten behoeve van haar. Zij heeft deze werkzaamheden laten uitvoeren en wist dat de bedragen van haar banktegoeden werden afgeschreven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56cb302ede44667ade8c28a130ec66f673da250dec343f211ba91aa52237856e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56cb302ede44667ade8c28a130ec66f673da250dec343f211ba91aa52237856e, en de alinea staat in dat document op bytes 28115 tot 28436.