Citaat | Rechtbank Utrecht 19 maart 2008
Alinea 273 Rechtbank Utrecht 19 maart 2008
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 19 maart 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BC7139.
Gelet op het karakter van de onderhavige procedure, die strekt tot het verkrijgen van een voorlopige voorziening en waarin geen plaats is voor uitvoerig feitenonderzoek, neemt de voorzieningenrechter voor de beantwoording van de vraag of de WoK, en het daarvan deel uitmakende eenvergunningsysteem, in strijd is met art. 43 en 49 EG-Verdrag de huidige stand van de Nederlandse jurisprudentie tot uitgangspunt. Uit die jurisprudentie (onder meer te kennen uit HR 18 februari 2005, NJ 2005 nr. 404 en recentelijk de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 14 maart 2007, AB 2007, 212) blijkt dat de Hoge Raad en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van oordeel zijn dat de beperkingen die voortvloeien uit de toepassing van de WoK, onder meer op het gebied van het aanbieden van kansspelen via het internet, niet in strijd is met art. 49 EG-verdrag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f8ea047d40e32e18adf59e8aa459dd62c9ce0978118ec65af9423de991df221. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f8ea047d40e32e18adf59e8aa459dd62c9ce0978118ec65af9423de991df221, en de alinea staat in dat document op bytes 54674 tot 55584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f8ea047d40e32e18adf59e8aa459dd62c9ce0978118ec65af9423de991df221 | shasum -a 256