Citaat | Rechtbank Utrecht 3 maart 2009
Alinea 48 Rechtbank Utrecht 3 maart 2009
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 3 maart 2009, ECLI:NL:RBUTR:2009:BH8913.
2.9 Op grond van vaste jurisprudentie(onder andere HR 18 september 1991, LJN: ZC4704 en Hof Amsterdam 23 maart 2007, LJN: BB4229) behoeft er geen rechtstreeks verband te bestaan tussen de hoogte van de in rekening gebrachte leges en de omvang van de dienst, of de kosten die daarmee gemoeid zijn. Bij het vaststellen van de legestarieven voor de onderscheiden groepen van diensten is de gemeentelijke wetgever in beginsel vrij. De gemeentelijke wetgever mag ervoor kiezen meerdere soorten leges in één verordening onder te brengen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5d7397f48ac3fbc1fc50ed267b458a0878e2579752336108635c3f78b984b0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5d7397f48ac3fbc1fc50ed267b458a0878e2579752336108635c3f78b984b0e, en de alinea staat in dat document op bytes 16339 tot 16885.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c5d7397f48ac3fbc1fc50ed267b458a0878e2579752336108635c3f78b984b0e | shasum -a 256