Citaat | Rechtbank Utrecht 30 december 2009

Alinea 199 Rechtbank Utrecht 30 december 2009

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 30 december 2009, ECLI:NL:RBUTR:2009:BK8031.

4.46. [eisers] vordert een hoofdelijke veroordeling van gedaagden tot betaling van een som die ziet op de door eisers geleden schade. [gedaagde sub2] betoogt dat deze vordering als zodanig niet kan worden toegewezen, omdat in dat geval zowel [eiser sub1] als [eiser sub2] bij een van gedaagden (hem of zijn kantoor) aanspraak zouden kunnen maken op betaling van het volledige bedrag, terwijl de werkelijke schade van respectievelijk [eiser sub1] en [eiser sub2] slechts een gedeelte van dat bedrag bedraagt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e2eef8ab5566ae47f7a02ff40ed34cd6117f2d64a41083d981697a759764de55. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e2eef8ab5566ae47f7a02ff40ed34cd6117f2d64a41083d981697a759764de55, en de alinea staat in dat document op bytes 58987 tot 59508.