Citaat | Rechtbank Utrecht 2 maart 2010
Alinea 40 Rechtbank Utrecht 2 maart 2010
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 2 maart 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BL6773.
2.20 Verweerder stelt zich op het standpunt dat het niet gaat om de tijdelijkheid van de behoefte aan opslag, maar om de tijdelijkheid van de behoefte aan de gevraagde provisorische voorziening. De tijdelijkheid ligt in dit geval opgesloten in de omstandigheid dat de gemeenteraad vanwege de inwerkintreding van de Wro op uiterlijk 1 juli 2013 een nieuw bestemmingsplan moet hebben vastgesteld voor het gebied, waarin een permanente voorziening voor de onderhavige opslag kan worden opgenomen, die voor wat betreft locatie, omvang, stedenbouwkundige opzet en verschijningsvorm verschilt van de tijdelijke opslagvoorziening. Verweerder zal er voorts op toezien dat de provisorische voorziening na afloop van de instandhoudingstermijn wordt verwijderd en wijst er bovendien op dat de voorziening op heel eenvoudige wijze is te verwijderen. De verleende ontheffing past naar de mening van verweerder volledig in de context van artikel 3.22 van de Wro.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/259a3b596b0b559537da70ef8e0c75c7d5f16fc52f11ffe65a4d8b4338814054. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 259a3b596b0b559537da70ef8e0c75c7d5f16fc52f11ffe65a4d8b4338814054, en de alinea staat in dat document op bytes 22360 tot 23322.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/259a3b596b0b559537da70ef8e0c75c7d5f16fc52f11ffe65a4d8b4338814054 | shasum -a 256