Citaat | Rechtbank Utrecht 31 mei 2010

Alinea 55 Rechtbank Utrecht 31 mei 2010

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 31 mei 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BM6803.

4.8 De kantonrechter is van oordeel dat Albron in redelijkheid niet van [eiser] heeft kunnen verlangen zich akkoord te verklaren met genoemde mediaregels en de overige in haar brief van 5 februari 2010 genoemde punten. De genoemde regels en punten strekken te ver, nu deze met zich brengen dat [eiser] het recht wordt ontzegd om vrijelijk, zonder tussenkomst van Albron, zijn mening te uiten ten aanzien van bijvoorbeeld arbeidsrechtelijke twistpunten tussen Albron en haar medewerker(s). Daarbij heeft [eiser] als lid van de Ondernemingsraad reeds uitdrukkelijk verklaard dat hij zich zal houden aan zijn geheimhoudingsplicht ex artikel 20 WOR en is gesteld noch gebleken dat hij zich niet aan deze plicht heeft gehouden. Een noodzaak om deze voorwaarde nog expliciet aan [eiser] te stellen bestond derhalve niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7652c396c06f0b6364cf6c4251159968e4359c1b93c71ecbeded6b56d318158. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7652c396c06f0b6364cf6c4251159968e4359c1b93c71ecbeded6b56d318158, en de alinea staat in dat document op bytes 25130 tot 25958.