Citaat | Rechtbank Utrecht 28 juli 2010
Alinea 175 Rechtbank Utrecht 28 juli 2010
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 28 juli 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BN2268.
4.33. Het debat van partijen heeft zich geconcentreerd op de vraag of de wetgever daarmee de Databankenrichtlijn onjuist heeft geïmplementeerd, en zo ja wat daarvan het gevolg is. De rechtbank is van oordeel dat het antwoord op deze vraag in het midden kan blijven. Redengevend hiervoor is dat een richtlijnconforme uitleg niet mogelijk is, gelet op de ondubbelzinnige bewoordingen van artikel 10 Auteurswet en de hiervoor onder 4.31 geciteerde wetsgeschiedenis die blijkt geeft van een bewuste keuze om gegevensverzamelingen waarin niet substantieel geïnvesteerd is bescherming te blijven bieden. Hoewel nationale wetgeving zoveel mogelijk richtlijnconform moet worden uitgelegd, kan dit niet zo ver gaan dat een wetsbepaling in strijd met een uitdrukkelijke keuze van de wetgever wordt uitgelegd. Dit zou immers leiden tot een uitleg contra legem, en daartoe is een nationale rechter ingevolge de rechtspraak van het Hof van Justitie niet gehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/283d6b60774926e51eeca738746fc7b75f70a3e6fcc2507cda36aed4576a36f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 283d6b60774926e51eeca738746fc7b75f70a3e6fcc2507cda36aed4576a36f8, en de alinea staat in dat document op bytes 47431 tot 48396.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/283d6b60774926e51eeca738746fc7b75f70a3e6fcc2507cda36aed4576a36f8 | shasum -a 256