Citaat | Rechtbank Utrecht 18 augustus 2010

Alinea 69 Rechtbank Utrecht 18 augustus 2010

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 augustus 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BN5864.

Nu [gedaagde] erkent dat hij een schaduwadministratie heeft bijgehouden en hij bovendien niet gemotiveerd betwist dat er op de door hem gebruikte en aan hem toebehorende USB-stick een grote hoeveelheid bedrijfsgegevens van [eiseres] zijn aangetroffen is de rechtbank van oordeel dat de vordering van [eiseres], dat [gedaagde] inbreuk heeft gepleegd op haar intellectuele eigendomsrechten niet op voorhand kansloos is. Daarbij is de rechtbank tevens van oordeel dat de op 26 mei 2010 schriftelijk bevestigde mondeling gegeven volmacht door de heer A. [eiseres], een voldoende volmacht behelst van [eiseres] om op eigen naam terzake de ingestelde vorderingen in rechte op te treden, aangezien de heer [eiseres] de enig bestuurder en aandeelhouder van [eiseres] Holding B.V. is, welke vennootschap op haar beurt enig bestuurder en aandeelhouder is van de overige vennootschappen in het [eiseres] concern. Of de intellectuele eigendomsrechten aan [eiseres] of aan een andere vennootschap binnen het concern toebehoren betreft een kwestie die in de bodemprocedure aan de orde moet komen. Voor de beantwoording van deze vraagt leent dit incident zich niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfc174eb0533e5524f0d62d3c01ab23ef02ec8ef12099edae95c33fb7dada139. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfc174eb0533e5524f0d62d3c01ab23ef02ec8ef12099edae95c33fb7dada139, en de alinea staat in dat document op bytes 21696 tot 22860.