Citaat | Rechtbank Utrecht 15 december 2010

Alinea 92 Rechtbank Utrecht 15 december 2010

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 15 december 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BO7428.

4.4. In zijn arrest van 17 december 2004 (AB 2005, 111) heeft de Hoge Raad geoordeeld dat bij het bestaan van een op de wet gebaseerde forfaitaire regeling van de proceskosten (zoals hier) slechts in zeer bijzondere gevallen grond bestaat de partij die in een procedure in het ongelijk is gesteld, op grond van onrechtmatige daad te veroordelen tot vergoeding van de schade die de wederpartij als gevolg van het voeren van de procedure heeft geleden. Verder heeft de Hoge Raad geoordeeld dat, kort gezegd, in andere gevallen (dus geen zeer bijzondere gevallen) wettelijke forfaitaire regelingen meebrengen dat de vordering tot betaling van de proceskosten, ook al zou zij op onrechtmatige daad gebaseerd zijn, slechts kan worden toegewezen tot het forfaitair vastgestelde bedrag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8dff879d611277fcd08ef846de43b533a216a208072674029ebf40526848d9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8dff879d611277fcd08ef846de43b533a216a208072674029ebf40526848d9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 26643 tot 27435.