Citaat | Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Alinea 193 Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP7662.

De enige link die op basis van het dossier tussen verdachte en het werk van [betrokkene 36] te leggen is, zijn de twee door de officier van justitie, als steunbewijs gewaardeerde, tapgesprekken van respectievelijk 4 februari en 15 augustus 2006. In het eerste gesprek vraagt [verdachte SB] aan [H] (de rechtbank begrijpt: verdachte) om even naar [betrokkene 36] te kijken: “Kijk even hoe ze werkt, met wie ze praat daarna moet je komen”. Hoe dit is afgelopen, valt uit het dossier niet op te maken. Het tweede gesprek, van 15 augustus 2006, wordt gevoerd tussen [betrokkene 20], evenals [betrokkene 36] als prostituee werkzaam, en [betrokkene 36]. Het kan uitgelegd worden als een mededeling van [betrokkene 36] dat ze [H] (id.) in de Trompettersteeg (in het Amsterdamse prostitutiegebied) probeert te ontlopen. Zelfs wanneer aangenomen zou moeten worden dat verdachte in het eerste gesprek met een controlerende taak voor [betrokkene 36] belast werd, dan nog ontbreekt elk bewijs voor het gehele complex van aan verdachte verweten strafbare handelingen, ook in de tenlastegelegde deelnemingsvormen. Met andere woorden: er is ten aanzien van verdachte geen bewijs waaraan de tapgesprekken steun bieden. Beide gesprekken zijn noch op zichzelf, noch in combinatie met elkaar voldoende voor een bewezenverklaring van (mede)plegen van of medeplichtigheid aan/bij mensenhandel ten aanzien van [betrokkene 36].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364, en de alinea staat in dat document op bytes 59446 tot 60867.