Citaat | Rechtbank Utrecht 18 februari 2011
Alinea 353 Rechtbank Utrecht 18 februari 2011
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP7662.
Uit een aantal tapgesprekken waarin verdachte en [verdachte SB] met elkaar spreken over het ‘afrekenen’ en ‘afbetalen van schuld’, leidt de rechtbank af dat er pooiers waren die schulden hadden bij de organisatie. Ze moesten die schulden blijkbaar afbetalen met een vast bedrag per week (‘totdat jij je schuld hebt afbetaald zal ik per week twee van jou nemen/krijgen’). Verdachte moest van [verdachte SB] dat geld innen (50, 51, 52).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364, en de alinea staat in dat document op bytes 107607 tot 108066.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364 | shasum -a 256