Citaat | Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Alinea 420 Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP7662.

Het gerechtshof te Amsterdam, nevenzittingsplaats Arnhem, heeft bij arresten van 20 december 2010, in de appelzaken van Sneep I, uitspraak gedaan. Het hof heeft zich niet uitgelaten over het door de rechtbank in Sneep I bepaalde kader en evenmin zelf een aanzet daartoe gedaan. Het hof lijkt een gemiddelde straf te hebben gehanteerd van één jaar per slachtoffer. De rechtbank interpreteert die arresten zo, dat bij de strafoplegging rekening is gehouden met factoren als ernstig geweld, verkrachting, periode en rol van de verdachten. Van bewezenverklaring van gedwongen abortussen, borstvergrotingen en/of tatoeages is geen sprake geweest. Dat brengt de rechtbank tot de conclusie dat het hof, hoewel dit niet expliciet is overwogen, bij de bepaling van de hoogte van de gevangenisstraf ongeveer dezelfde maatstaf heeft gehanteerd als de rechtbank in Sneep I. Het Hof heeft bovendien, anders dan in eerste aanleg, om diverse redenen naast gevangenisstraffen ook geldboetes opgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364, en de alinea staat in dat document op bytes 124953 tot 125952.