Citaat | Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Alinea 429 Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP7662.

Vorenstaande leidt ertoe dat de rechtbank voor de bewezenverklaarde mensenhandelzaken als uitgangspunt een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van tien maanden per slachtoffer zal hanteren. Dit strafminimum zal worden verhoogd indien er sprake was van geweld, ernstig geweld of verkrachting of wanneer het feit in vereniging werd gepleegd dan wel wanneer het ging om een in vergelijking met de overige zaken lange periode. Voor deelneming aan een criminele organisatie gaat de rechtbank uit van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van twaalf maanden, te verlagen als de rol van verdachte in vergelijking met die van anderen ondergeschikt was. Aan verdachten die leiding hebben gegeven aan de organisatie wordt een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van 24 maanden opgelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364, en de alinea staat in dat document op bytes 128777 tot 129559.