Citaat | Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Alinea 898 Rechtbank Utrecht 18 februari 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 18 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP7662.

Een aantal weken geleden werden we door [verdachte SB] en [verdachte TK] opgehaald. We gingen naar het Ibishotel in Den Haag. [verdachte SB] zei tegen [betrokkene 25] dat ze haar oorbellen moest uitdoen. Ik zag dat [verdachte SB] [betrokkene 25] plotseling opzettelijk en met kracht heel hard met zijn vlakke hand in het gezicht sloeg. Deze klap was zo hard dat ze met haar hoofd tegen de muur terechtkwam. Ik zag dat [betrokkene 25] direct begon te huilen en in een soort shock terechtkwam. Hierna zag ik dat [verdachte SB] [betrokkene 25] nogmaals opzettelijk en met kracht in haar gezicht sloeg met zijn vlakke hand. Ik schrok hier heel erg van. Ik zag dat [betrokkene 25] naar aanleiding van deze mishandeling een blauwe plek aan de zijkant van haar hoofd kreeg. Ook zag ik dat een gedeelte van het wit van haar oog rood was geworden. De volgende dag was de handafdruk van [verdachte SB] nog steeds te zien in het gezicht van [betrokkene 25]

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdc6ced0748a545d4e222f4e4174a7a1000e3280f8f1b6d8750016a700e7364, en de alinea staat in dat document op bytes 202714 tot 203673.