Citaat | Rechtbank Utrecht 1 juni 2011

Alinea 127 Rechtbank Utrecht 1 juni 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 1 juni 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ6884.

[verdachte] heeft aan [slachtoffer 2] verteld dat hij een aanvraag voor een verblijfsvergunning had ingediend op naam van [medeverdachte]. Het huwelijk zou wel onder de naam van [verdachte] worden gesloten. [verdachte] vertelde haar dat hij bang was dat haar aanvraag voor verblijf zou worden afgewezen, omdat hij niet voldeed aan de eis van het minimuminkomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08fd3e2ba00a9feef5331a2c8688b0493e1f2246ea00ae4bc42b2c340043c715. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08fd3e2ba00a9feef5331a2c8688b0493e1f2246ea00ae4bc42b2c340043c715, en de alinea staat in dat document op bytes 31417 tot 31793.