Citaat | Rechtbank Utrecht 8 november 2011

Alinea 29 Rechtbank Utrecht 8 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 8 november 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BU3683.

2.9 Uit de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS), zoals onder meer verwoord in de uitspraken van 19 september 2001 (LJN: AD4001), 7 juli 2004 (LJN: AP8382) en 22 september 2004 (LJN: AR2516) volgt dat het voor het belanghebbendeschap bij een verleende monumentenvergunning niet noodzakelijk is dat de bezwaarmaker wordt beschermd in een rechtens te beschermen belang. Indien de monumentenvergunning is vereist voor realisering van een bouwplan met enige ruimtelijke uitstraling dient te worden beoordeeld of die uitstraling van dien aard is dat de werking van het besluit zich feitelijk doet gevoelen in de directe omgeving van het bouwplan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/730f7842784d0a5dda6482cb3f1a6a47d1da1e1209be8c0f00700522e7947554. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 730f7842784d0a5dda6482cb3f1a6a47d1da1e1209be8c0f00700522e7947554, en de alinea staat in dat document op bytes 12240 tot 12938.