Citaat | Rechtbank Utrecht 17 november 2011

Alinea 21 Rechtbank Utrecht 17 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 17 november 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BV1498.

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft gepleegd ten aanzien van [benadeelde 1], [benadeelde 2], [benadeelde 3], [benadeelde 4], [benadeelde 5], [benadeelde 6], [benadeelde 7] en dat het feit ten aanzien van [benadeelde 8], [benadeelde 9], [benadeelde 10], [benadeelde 11] en [benadeelde 12] niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. De officier van justitie baseert zich daarbij op de zich in het dossier bevindende bewijsmiddelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90, en de alinea staat in dat document op bytes 5572 tot 6087.