Citaat | Rechtbank Utrecht 17 november 2011

Alinea 34 Rechtbank Utrecht 17 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 17 november 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BV1498.

[benadeelde 2] uit [woonplaats] heeft op 11 december 2009 aangifte gedaan ter zake van oplichting. Hij heeft verklaard dat hij op 7 december 2009 op Marktplaats een Apple I-phone te koop zag staan. [benadeelde 2] heeft gemaild met de aanbieder met de vraag of de telefoon nog beschikbaar was. De persoon gaf hierop aan dat dit zo was. De persoon gebruikte de naam [naam] en haar e-mailadres was [naam]@live.nl. [benadeelde 2] bracht vervolgens een bod van €200,00 euro uit op de telefoon, waar de verkoper per e-mail mee akkoord ging. De verkoper e-mailde dat het bedrag overgemaakt kon worden op het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [verdachte] te [woonplaats]. [benadeelde 1] heeft op 7 december 2009 het overeengekomen bedrag van €200,00 naar voornoemde rekening overgemaakt. [benadeelde 2] heeft vervolgens niets meer van de verkoper vernomen. De I-phone heeft hij nimmer ontvangen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90, en de alinea staat in dat document op bytes 10671 tot 11590.