Citaat | Rechtbank Utrecht 17 november 2011
Alinea 40 Rechtbank Utrecht 17 november 2011
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 17 november 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BV1498.
[benadeelde 5] heeft op 27 maart 2010 aangifte gedaan ter zake van oplichting via internet. Zij heeft verklaard dat zij e-mailcontact heeft gehad met meneer of mevrouw [verdachte] over een mobiele telefoon van het merk Nokia N97, die door deze persoon te koop werd aangeboden. Op 20 november 2009 heeft [benadeelde 5] een bedrag van €156,20 overgemaakt naar het rekeningnummer [rekeningnummer] ten name van [verdachte] te [woonplaats]. De mobiele telefoon zou naar het woonadres van [benadeelde 5] worden opgestuurd. [benadeelde 5] heeft hierna nog contact met de verkoper gehad omdat ze een paar dagen na de betaling nog geen telefoon had ontvangen. De verkoper zei dat alles goed zou komen. Echter, [benadeelde 5] heeft de mobiele telefoon niet ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90, en de alinea staat in dat document op bytes 13887 tot 14661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90 | shasum -a 256