Citaat | Rechtbank Utrecht 17 november 2011
Alinea 46 Rechtbank Utrecht 17 november 2011
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 17 november 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BV1498.
De rechtbank acht de verklaringen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2], in tegenstelling tot de verdediging, wel betrouwbaar. Zij ziet geen aanwijzing voor onbetrouwbaarheid van de verklaring van [medeverdachte 1] ten aanzien van het tenlastegelegde feit en de rolverdeling van verdachte, [medeverdachte 2] en zichzelf daarin. De rechtbank heeft evenmin aanwijzingen om de verklaring van [medeverdachte 2] onbetrouwbaar te achten. Beide medeverdachten belasten (ook) zichzelf met hun verklaringen en hetgeen zij verklaren vindt steun in de aangiftes van de slachtoffers. Voor het bewijs baseert de rechtbank zich dan ook mede op de verklaringen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90, en de alinea staat in dat document op bytes 16610 tot 17317.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5331864e29ccd034014f071c5829dea04f63ae5516feecdb00470d37db4d6d90 | shasum -a 256