Citaat | Rechtbank Utrecht 4 mei 2011

Alinea 143 Rechtbank Utrecht 4 mei 2011

Een alinea uit Rechtbank Utrecht 4 mei 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BV3102.

4.1.13. Belval c.s. stellen dat [gedaagde sub 7] een onrechtmatige daad jegens heeft gepleegd door, kort gezegd, de Multiplan-vennootschappen wanprestatie te laten plegen, en omvangrijke van Belval c.s. afkomstige geldsommen te verduisteren. Bevoegdheid voor de voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht levert dit echter niet op, met name niet op voet van artikel 5 lid 3 EEX-Vo of artikel 6 aanhef en sub c Rv j° 31 EEX-Vo. Deze bepalingen scheppen bevoegdheid voor de Nederlandse rechter indien de schade ten gevolge van de gestelde onrechtmatige daad in Nederland is veroorzaakt. Belval c.s. stellen dat SNSPF vermogensschade heeft geleden in Nederland, haar vestigingsplaats, maar volgens vaste rechtspraak van het HvJ EG levert de vestigingsplaats van de gelaedeerde als zodanig geen grond op voor rechtsmacht op voet van artikel 5 lid 3 EEX-Vo op (vlg. HvJ EG 19 september 1995, NJ 1997, 52 (Marinari)). Het door Belval c.s. nog genoemde HvJ EG 5 februari 2004, NJ 2006, 322 (DFDS Torline/SEKO), waarin het HvJ EG heeft overwogen dat financiële schade door een partij onder omstandigheden kan worden geacht te worden geleden in de vlagstaat van het schip ter plaatse waar de directe schade intreedt (niet noodzakelijk dus gelijk aan de vestigingsplaats van de eigenaar of exploitant van het schip), maakt dat niet anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1ccfc2dbe4443a49ac568628de787c1964738424f74b5b836661bb77c28f7a58. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1ccfc2dbe4443a49ac568628de787c1964738424f74b5b836661bb77c28f7a58, en de alinea staat in dat document op bytes 33973 tot 35320.