Citaat | Rechtbank Utrecht 28 september 2011
Alinea 71 Rechtbank Utrecht 28 september 2011
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 28 september 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BW4768.
Deze bepaling handelt over handelingsonbekwaamheid. In het onderhavige geval wordt echter geen beroep op vernietiging wegens handelingsonbekwaamheid van de destijds minderjarige eisers gedaan, maar wordt een beroep gedaan op vernietiging wegens een wettelijke beperking van de handelingsbevoegdheid van de vader in zijn hoedanigheid van bewindvoerend ouder. Om deze reden is de verjaringstermijn van artikel 3:52 lid 1 sub d BW van toepassing. Ingevolge deze bepaling verjaart de vordering tot vernietiging van de onderhavige overeenkomsten drie jaren nadat de bevoegdheid om deze vernietigingsgrond in te roepen, aan degene aan wie deze bevoegdheid toekomt, ten dienste is komen te staan. In een geval als het onderhavige, waarbij het gaat om door een ouder op naam van zijn kinderen afgesloten overeenkomsten, is daarvan sprake als (a) de kinderen meerderjarig zijn geworden en (b) zij van het bestaan van de overeenkomst op de hoogte zijn geraakt, althans daarvan op de hoogte hadden kunnen en moeten zijn..
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f4ff9c5263f0d61e9a6ef7bab5783b4a7df0f54faac17dae5e405e52df6daf2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f4ff9c5263f0d61e9a6ef7bab5783b4a7df0f54faac17dae5e405e52df6daf2, en de alinea staat in dat document op bytes 20667 tot 21690.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5f4ff9c5263f0d61e9a6ef7bab5783b4a7df0f54faac17dae5e405e52df6daf2 | shasum -a 256