Citaat | Rechtbank Utrecht 1 februari 2012
Alinea 37 Rechtbank Utrecht 1 februari 2012
Een alinea uit Rechtbank Utrecht 1 februari 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BV2093.
2.7. Hoewel zij daartoe bevoegd was omdat de vorderingen van [eiser] in ieder geval deels rechtsvorderingen betreffen die rechten en verplichtingen tot de failliete boedel tot onderwerp hebben, heeft [gedaagde] niet de niet-ontvankelijkheid van [eiser] ingeroepen, zodat aan deze bevoegdheid voorbij wordt gegaan en [eiser] ontvankelijk moet worden geacht in haar vorderingen (vgl. HR 1 mei 1914, NJ 1914, p. 709). [gedaagde] heeft zich in het incident echter beroepen op artikel 27 FW, welk artikel volgens haar op de onderhavige situatie van toepassing is, hetgeen [eiser] op haar beurt betwist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71aefde5f5820147f8baf9244c77aae1d5b8953d026c937b56be85829bd44126. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71aefde5f5820147f8baf9244c77aae1d5b8953d026c937b56be85829bd44126, en de alinea staat in dat document op bytes 8679 tot 9289.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/71aefde5f5820147f8baf9244c77aae1d5b8953d026c937b56be85829bd44126 | shasum -a 256